Suns and Stars
Arrows Shot From the Bow
 
In the Spring of 2016, we were the guests of Jan en Netty Vink; the owners of the Rietveld Cordemeyer Huis in Apeldoorn. We have asked the artists Rūta Butkutė, Remy Jungerman, Babette Kleijn and Sachi Miyachi to explore the house, meet the owners and reflect on the fundamental principles upon which the house was built.
Voorjaar 2016 waren we te gast bij Netty en Jan Vink, eigenaars en bewoners van het Rietveld Cordemeyer Huis te Apeldoorn. Rūta Butkutė, Remy Jungerman, Babette Kleijn en Sachi Miyachi exploreerden het huis, ontmoetten de eigenaars en reflecteerden op de ideeën die ten grondslag liggen aan de bouw van het huis.
10 April – 22 May 2016
Rietveld Cordemeyer Huis, Apeldoorn
 
Rietveld Huis Cordemeyer, Apeldoorn

Rietveld Huis Cordemeyer, Apeldoorn (exhibition photography: Peter Cox)

Ruta Butkute and Babette Kleijn

Ruta Butkute and Babette Kleijn

Babette Kleijn

Babette Kleijn

Sachi Miyachi

Sachi Miyachi

Sachi Miyachi

Sachi Miyachi

Sculpture from the collection of Mrs. Vink and Sachi Miyachi

Sculpture from the collection of Mrs. Vink and Sachi Miyachi

Sachi Miyachi

Sachi Miyachi

Ruta Butkute, performing artist: Yurie Umamoto

Ruta Butkute, performing artist: Yurie Umamoto

Ruta Butkute, performing artist: Yurie Umamoto

Ruta Butkute, performing artist: Yurie Umamoto

Ruta Butkute

Ruta Butkute

Ruta Butkute

Ruta Butkute

Ruta Butkute

Ruta Butkute

Ruta Butkute

Ruta Butkute

Remy Jungerman

Remy Jungerman

Remy Jungerman

Remy Jungerman

 
The artists looked at the ideas of the men of ‘het nieuwe bouwen’ and ‘beter wonen’, the architect G. Th. Rietveld and the designer A. R. Cordemeyer and their brothers-in-combat Mondriaan en Theo van Doesburg.
What’s it like to live in a house packed to the rafters with these fundamental ideas? To live your daily life in a distinctive representation of an important episode of Dutch cultural history.
“At the beginning of the twentieth century, architecture was no more than a ‘leftover’ of the late Renaissance; an ineradicable petty-bourgeois style. Although not without craftsmanship, it was an obstacle for the honest design of new manufacturing processes. Many transitional styles proved to be imperative as relief from this ‘routine-style’, so we could finally postulate a contemporary perception of design and space.” – About ‘De Stijl’ Movement, an unpublished essay by Rietveld, 1960.
Met de tentoonstelling deden Ruta Butkute (Litouwen), Remy Jungerman (Suriname), Babette Kleijn (Nederland) en Sachi Miyachi (Japan) onderzoek naar hoe de idealen van het ‘het nieuwe bouwen’ en de ‘beter wonen-periode’ zich hebben gehandhaafd. Hoe gaat het met de ideeën van de architect G. Th. Rietveld en de ontwerper A. R. Cordemeyer en hun broeders in de strijd, als Mondriaan en Theo van Doesburg die ‘de moderne mens ontvankelijk wilden maken voor het nieuwe in de Beeldende Kunst’. Hoe is het om te leven in een huis zo zwanger van deze idealen en kenmerkend voor een belangrijke tijd uit de Nederlandse cultuurgeschiedenis. “In ’t begin dezer eeuw was de architectuur […] niet veel meer dan een late renaissance overschot; een op zichzelf onuitroeibaar burgerlijke, doch geraffineerde handwerkstijl, zeer belemmerend voor de eerlijke vormgeving van machinale productie. Veel overgangsstijlen bleken nodig om de architectuur van deze sleurstijl te verlossen en de eigentijdse visie constructief en ruimtelijk te bepalen.” – Rietveld over de Stijl gedachte, in een ongepubliceerd werk in 1960.